Alle planten op deze aarde hebben een geur. Er zijn planten die erg sterk ruiken, andere weer wat minder. Deze geurstoffen worden gevormd onder invloed van de zon, en ze liggen opgeslagen in de kleine holtes en kanaaltjes in de plant. Voor zover we weten gebruikt de plant ze om de voortplanting te bevorderen (het aantrekken van insekten) en het natuurlijke weerstandsvermogen te versterken (te vergelijken met de menselijke hormonen). Te allen tijde heeft de mens geurende planten gebruikt in eten en drinken om hun smaak en specifieke eigenschappen, bijvoorbeeld het conserveren van voedsel. In de geneeskunde en eredienst om hun ontsmettende, genezende en evenwicht brengende eigenschappen. Verder als geurmiddel om hun specifieke geur (als bijv. parfum). In de middeleeuwen ontdekte men een manier - de waterdampdestillatie om de in de plant opgeslagen geurstoffen vrij te maken, deze geurende olieachtige vloeistof. De goede zuivere essentiële oliën worden nog zo gewonnen en bevatten de essentie, de chi, de levenskracht van de planten; ook wel etherische -, aromatische - of vluchtige oliën genoemd.